dinsdag 30 augustus 2016

Kies het beste geschiedenisboek aller tijden

Al eerder maakte ik melding va de verkiezing van het Beste geschiedenisboek Aller Tijden. Iedereen mocht uit een lijst van 250 zijn of haar 10 favorieten kiezen en deze inzenden. Van mijn tien favoriete boeken blijken er drie ook in de top 10 van alle deelnemers gezamenlijk te staan, te weten: Hoe God verdween uit Jorwerd (Geert Mak), Congo (David van Reybrouck) en De waanzinnige veertiende eeuw (Barbara Tuchman). In de ultieme lijst mis ik wel Auke van der Woud. Ook is de invloed van het korte termijn geheugen merkbaar, zoals bij veel van dit soort verkiezingen: 4 boeken uit de laatste 5 jaar, 8 boeken uit de laatste 20 jaar.

Nu gaat dus de tweede ronde in. Je mag je stem uitbrengen op een van de tien meest gekozen boeken uit de voorronde. Dat kan gedurende de gehele maand september. De uitslag wordt bekendgemaakt op zaterdag 8 oktober tijdens het Geschiedenis Festival.

Ga hier naar de lijst en breng je stem uit.

De top 10:

Annejet van der Zijl. Sonny Boy (2004)


Barbara Tuchman. De waanzinnige veertiende eeuw (1978)


Martin Bossenbroek. De Boerenoorlog (2012)


Alexander Münninghoff. De stamhouder (2014)


Geert Mak. De eeuw van mijn vader (1999)


Geert Mak. Hoe God verdween uit Jorwerd (1996)


Suzanna Jansen. Het pauperparadijs (2008)


David van Reybrouck. Congo (2010)


Els Kloek. 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis (2013)


Johan Huizinga. Herfsttij der Middeleeuwen (1919)

donderdag 25 augustus 2016

Archeologie en gemeentelijke gebiedsontwikkeling in Oosterdalfsen

Gelezen in de Nieuwsbrief van de Erfgoedstem:

Vorig jaar ontstond veel publiciteit rond de vondst van een groot grafveld in Oosterdalfsen. Maar, betrof de vondst echt een verrassing? En waren de kosten echt buitenproportioneel voor de gemeente? En wat zegt de casus over de veranderende rol van gemeente in gebiedsontwikkeling en archeologie?
Er is veel publiciteit geweest over de spectaculaire archeologische vondsten bij Dalfsen. Eigenlijk had er nog veel meer opgegraven kunnen worden. Gemeenten zitten niet altijd te wachten op dit soort verrassingen. Prof. Jos Bazelmans is een insider en doet uit de doeken wat er allemaal speelt rond een opgraving. Kijk hier op zijn website. Klik rechts bovenaan op Archeologie en gemeentelijke gebiedsontwikkeling. De casus Oosterdalfsen, Vitruvius 36 (jrg. 9, juli 2016), 20-27.


zondag 21 augustus 2016

Muziek uit het oosten (92): Jaap Lamfers - Zuidoost Drent

Een speciale rubriek – voor de liefhebbers van muziek. Van alles wat – in ’t Engels of in ’t plat. Goud en oud, nieuw of fout.

Ode aan Zuidoost Drenthe. Lees hier een blogpost op Woest en Ledig. Of kijk hier.

maandag 15 augustus 2016

Deventer Boekenmarkt by Night


De Deventer boekenmarkt was alweer een week geleden. Nu pas zie ik de blogpost van mijn oud-collega Mark Deckers. Bij nacht en ontij trekt hij er met zijn fotocamera op uit. Zijn nachtfoto's zijn bijzonder. Zo ook zijn impressie van de nacht voor de Deventer boekenmarkt. Kijk hier voor meer nachtimpressies.

vrijdag 12 augustus 2016

Twente vlak na de Tweede Wereldoorlog beschreven in 'De rauwe wet van vraag en aanbod'.


Iedereen kent het verhaal over de nationale consensus na de oorlog tussen werkgevers, vakbonden en overheid, die samen werkten binnen de Stichting van de Arbeid. Door de lonen laag te houden en van stakingen af te zien kon de economie groeien en kon stap voor stap een stelsel van sociale zekerheid worden opgebouwd. Nick Vos onderzoekt in deze dissertatie hoe dit proces na de bevrijding is verlopen, waarbij hij zich richt op de sociale verhoudingen in de Twents-Gelderse textielindustrie.

Het zou echter een tijdje duren voordat de (door de drie partijen) gewenste rust zou ontstaan op het arbeidsfront. Al in de oorlog werd aan plannen gewerkt die moesten voorkomen dat er na de bevrijding sociale onrust zou ontstaan. Arbeiders hadden een veel gunstiger positie dan tijdens de depressie voor de oorlog. Er was arbeidsschuwheid. De schaarste aan artikelen om te kunnen voorzien in het levensonderhoud was zo groot of deze artikelen waren zo duur, dat het betaalde loon onvoldoende was. Er waren stakingen bij de vleet, gezag werd niet zomaar aanvaard. Twentse textielarbeiders en ook de Rotterdamse havenarbeiders wilden de vooroorlogse arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden niet terug. Ze waren zelfbewust en wilden meer loon en betere omstandigheden. Het Militair Gezag dat het vacuüm vulde tussen de bezetter en het eerste kabinet had de taak ‘herrie’ (=arbeidsconlicten/stakingen) in der minne te schikken. Vaak werden, om de vrede te bewaren, in die eerste maanden na de oorlog eisen van arbeiders ingewilligd (b.v. een 40-urige werkweek).

De schrijver zelf trekt de volgende conclusie: ‘Zoals altijd is er felle strijd geweest tussen ondernemers en arbeiders. Na de oorlog zaten de arbeiders eindelijk in een voor hen gunstige positie, namelijk dat er een groot tekort aan hen was en dat de ondernemers, in ieder geval in de textielindustrie, al hun producten gemakkelijk konden verkopen. Ze hadden er dus veel voor over om de arbeiders ‘te vriend’ te houden, ook al hadden ze nog zo’n afkeer van hen.
Om deze afkeer af te kopen is de verzorgingsstaat in het leven geroepen: een beter loon, pensioen, ziektekostenverzekering, fatsoenlijkere kantines en WC’s op het werk. Na een aantal jaren een brommer, toen een autootje, vakantie in Duitsland en daarna steeds verder weg en steeds langer. Dit is overal in de geïndustrialiseerde wereld zo gebeurd, in de VS voor de oorlog met de New Deal en in Duitsland onder Hitler, tot ze oorlog gingen voeren’.
Hij voegt er nog aan toe: ‘In de crisis sinds 2008 wordt dit allemaal weer afgebroken. Beide bewegingen/ontwikkelingen hebben plaats gevonden met de sociaal-democratie aan de macht. Deze politieke stroming heeft, zij het steeds minder, vertrouwen onder de arbeiders en is daarom in staat maatregelen door te voeren in het zgn. ‘algemeen’ belang’.

De rauwe wet van vraag en aanbod bevat zeer veel informatie, die vaak nergens anders werd vastgelegd. De schrijver dook diep de archieven in en heeft zijn beschouwing gelardeerd met tal van voorbeelden die op zich vaak weer een apart artikel waard zouden zijn. Ter illustratie zal ik er hier een noemen.
De door de CPN gedomineerde Eenheidsvakcentrale (EVC) had in bepaalde steden zeer veel aanhang. Eén van die steden was Deventer. De EVC kreeg de kans grote successen te behalen (de oorspronkelijke doelstelling bij de oprichting), maar wilde graag als salonfähig worden beschouwd, d.w.z. wilde ‘erkend’ worden en meepraten binnen de Stichting van de Arbeid. In Deventer liepen 12.000 arbeiders in een demonstratieve optocht van het EVC-gebouw naar het bedrijf Noury & van der Lande waar gestaakt werd. In plaats van door te drukken vroeg de EVC-top een plek aan de onderhandelingstafel naast NVV en confessionele vakbonden. Zelfs de burgemeester van Deventer adviseerde de regering de EVC als gesprekspartner te accepteren. Dit werd door Drees afgewezen. Zijn strategie was gericht op het onschadelijk maken van de EVC. Na al dit gedraal keerden de Deventer arbeiders zich massaal af van ‘hun’ vakbond.

donderdag 11 augustus 2016

Scheepvaartarchief online


Een van de grootste Nederlandse maritieme archieven is nu online beschikbaar via scheepvaartarchief.nl. Daarop is een van de grootste collecties met foto’s van de binnenvaartvloot en varend erfgoed-vloot te vinden. Het archief is de afgelopen dertig jaar opgebouwd door fotograaf Evert Bruinekool.

In de komende maanden zullen steeds meer van een van de grootste maritieme archieven met Nederlandse en Europese scheepvaart online bereikbaar komen. Het archief bevat op dit moment ruim 550.000 foto’s.

Er zit wel een 'maar' aan dit online archief. Het is helemaal gericht op het verkopen van afbeeldingen aan redacties van tijdschriften, particulieren etc. De kwaliteit van de afbeeldingen is daarom matig, bovendien voorzien van een copyright tekst. Om een een redelijke foto tevoorschijn te halen moet je wel doorklikken. Ik heb wat zoekpogingen gedaan. De Kamper kogge levert wat treffers op, maar 'zomp'of 'Hasselter aak' niet. Maar misschien zoek ik niet goed...

woensdag 10 augustus 2016

Wanneer en waarom werd de zomervakantie ingevoerd?

De zomervakantie, en dan bedoel ik de schoolvakantie, was er al in de negentiende eeuw. Had het te maken met het helpen bij de oogst? Moest de warme zomer overbrugd worden? Of waren er andere redenen?
De verschillen zijn ook groot. Zo zijn scholen in warme landen vaak drie maanden gesloten. Maar dat geldt ook voor Ierland.

Lees over de geschiedenis van de zomervakantie op Historiek.


Foto: De zomervakantie begint in 1968 (Fotograaf: Jac de Nijs; fotocollectie Anefo / Nationaal Archief)

dinsdag 9 augustus 2016

Overijsselaars die medailles wonnen bij de Olympische Spelen

Ik had in 2012 al een lijstje gemaakt van medaillewinnaars die afkomstig zijn uit Overijssel. Criterium is dat men in Overijssel geboren is – je moet ergens een grens trekken. Gevolg is wel dat bijvoorbeeld de in Tiel geboren, maar in Zwolle opgegroeide ‘roeier van de eeuw’ Nico Rienks niet op de lijst staat, evenals de zwemmende tweelingzusjes Marianne en Mildred Muis (geboren in Amsterdam), en de vaak als Drent beschouwde, maar in Hasselt geboren, Gerard Nijboer wel.
Opvallend is dat Olympische sporters voor de Tweede Wereldoorlog voor 50% uit Amsterdam kwamen, verder nog uit Rotterdam, Den Haag, Haarlem. Ook werd een grote groep geboren in Nederlands-Indië. Wat betreft het ‘achterland’ telde alleen Friesland mee.
Het lijstje uit 2012 is nu aangevuld met de OS in London (2012) en Sotsji (2014).

Hieronder in chronologische volgorden de Overijsselse medaillewinnaars:

Walter Middelberg (Zwolle) – roeien
Parijs 1900 – 8 met stuurman (brons)

Willem Peter Hubert van Bleijenburgh (Zwolle) – schermen
Stockholm 1912 – teamwedstrijd degen (brons)
Antwerpen 1920 – teamwedstrijd sabel (brons)

Herman Carel Felix Clotilde, jonkheer van Heijden (Weerselo) – voetbal
Antwerpen 1920 – voetbal (brons)

Kea Bouman (Almelo) – tennis
Parijs 1924 – gemengd dubbel met Henk Timmer (brons)

Afbeelding: Kea Bouman

Gerrit Jan Arnold Jannink (Enschede) – hockey
Amsterdam 1928 – hockey (zilver)

Jan Hermannus van Reede (Zwolle) – ruitersport
Amsterdam 1928 – dressuur team (brons)

In Los Angeles (1932) was Overijssel goed vertegenwoordigd met twee atleten die tot de toenmalige wereldtop behoorden: de hardloopster Tollien Schuurman uit Windesheim en hink-stap-spronger Wim Peters. Om uiteenlopende redenen liep hun deelname op een teleurstelling uit.

Hans Schnitger (Enschede) – hockey
Berlijn 1936 – hockey (brons)
Schnitger is met z'n 96 jaar één van de drie oudste nog levende Olympiërs van Nederland en de oudste van Overijssel. Zie RTVOost

Paul Hoekstra (Enschede) – kano
Tokyo 1964 – K2 1.000 m. (zilver)

Jan van de Graaff (Hengelo) – roeien
Tokyo 1964 – vier met stuurman (brons)

Erik Hartsuiker (Balkbrug) – roeien
Tokyo 1964 – twee met stuurman (brons)

Lex Mullink (Almelo) – roeien
Tokyo 1964 – vier met stuurman (brons)

Hennie Kuiper (Denekamp) – wielrennen
München 1972 – individuele wegwedstrijd (goud)

Afbeelding: Hennie Kuiper (foto: Johan Vermeulen - Wikimedia Commons)

Herman Ponsteen (Nijverdal) – wielrennen
Montreal 1976 – 4 kilometer individuele achtervolging (zilver)

Gerard Nijboer (Hasselt) – atletiek
Moskou 1980 – marathon (zilver)

Petra van Staveern (Kampen) – zwemmen
Los Angeles 1984 – 100 m schoolslag (goud)

Noor Holsboer (Enschede) – hockey
Seoul 1988 – hockey (brons)
Atlanta 1996 – hockey (brons)

Ellen van Langen (Oldenzaal) – atletiek
Barcelona 1992 – 800 meter (goud)

Jos Lansink (Weerselo) – ruitersport
Barcelona 1992 – teamwedstrijd (goud)

Henk-Jan Zwolle (Enschede) – roeien
Barcelona 1992 – dubbeltwee met Nico Rienks (brons)
Atlanta 1996 – ‘Holland acht’ (goud)

Dorien de Vries (Enschede) – plankzeilen
Barcelona 1992 – Lechner A-390 klasse (brons)

Kirsten Vlieghuis (Hengelo) – zwemmen
Atlanta 1996 – 400 m vrije slag (brons)
Atlanta 1996 – 800 m vrije slag (brons)

Marten Eikelboom (Zwolle) – hockey
Sydney 2000 – hockey (goud)
Athene 2004 – hockey (zilver)

Jeroen Dubbeldam (Zwolle) – ruitersport
Sydney 2000 – individuele springwedstrijd (goud)

Afbeelding: Jeroen Dubbeldam (foto: Wikimedia Commons)

Marieke Westerhof (Denekamp) – roeien
Sydney 2000 – acht (zilver)

Johan Kenkhuis (Vriezenveen) – zwemmen
Sydney 2000 – 4x 200 m vrije slag (brons)
Athene 2004 – 4x 100 m vrije slag (zilver)

Gretha Smit (Staphorst) – schaatsen
Salt Lake City 2002 – 5.000 m (zilver)

Helen Tanger (Hardenberg) – roeien
Athene 2004 – acht (brons)
Peking 2008 – acht (zilver)

Ester Workel (Haaksbergen) – roeien
Athene 2004 – acht – stuurvrouw (brons)
Peking 2008 – acht – stuurvrouw (brons)

Marleen Veldhuis (Borne) – zwemmen
Athene 2004 – 4x 100 m vrije slag (brons)
Peking 2008 – 4x 100 m vrije slag (goud)
Londen 2012 - 4x 100 m vrije slag (zilver)
Londen 2012 - 50 m vrije slag (brons)

Afbeelding: Marleen Veldhuis (foto: Wikimedia Commons)

Erben Wennemars (Dalfsen) – schaatsen
Turijn 2006 – 1.000 m (brons)

Rianne Guichelaar (Enschede) – waterpolo
Peking 2008 – waterpolo (goud)

Marieke van den Ham (Wierden) – waterpolo
Peking 2008 – waterpolo (goud)

Hinkelien Schreuder (Goor) - zwemmen
Peking 2008 - 4x 100 m. vrije slag (goud)
Londen 2012 - 4x 100 m. vrije slag (zilver)

Mark Tuitert (Holten) – schaatsen
Vancouver 2010 – 1500 m (goud)
Vancouver 2010 – ploegachtervolging (brons)

Gerco Schröder (Tubbergen) - ruitersport
Londen 2012 - springconcours individueel (zilver)
Londen 2012 - springconcours team (zilver)

Michel Mulder (Zwolle) - schaatsen
Sotsji 2014 - 500 m (goud)
Sotsji 2014 - 1000 m (brons)

Stefan Groothuis (Wierden) - schaatsen
Sotsji 2014 - 1000 m (goud)

Lotte van Beek (Zwolle) - schaatsen
Sotsji 2014 - ploegenachtervolging (goud)
Sotsji 2014 - 1500 m (brons)

Jorien ter Mors (Enschede) - schaatsen
Sotsji 2014 - ploegenachtervolging (goud)
Sotsji 2014 - 1500 m (goud)
Sotsji 2014 - 3000 m (goud)

Jan Smeekens (Raalte) - schaatsen
Sotsji 2014 - 500 m (zilver)

Ronald Mulder (Zwolle) - schaatsen
Sotsji 2014 - 500 m (brons)

Op 9 augustus 2016 is de eerste Overijsselse medaille op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro binnen en wat voor één: na een bloedstollende finale won Anna van der Breggen, geboren in Hasselt en woonachtig in Zwolle, de Olympische wegwedstrijd wielrennen.

zondag 7 augustus 2016

De Hel van Voerendaal


Paar dagen naar Maastricht geweest. Fietsen mee. Zaterdag de Natuurlijk Zuid-Limburg fietsroute gedaan. Met een ommetje extra zo’n vijftig kilometer, inclusief een aantal pittige stroken klimwerk met veel bekende plekken uit de Amstel Gold Race.
Op een aantal kruispunten stonden verkeersregelaars die blijkbaar niets te doen hadden. ’Gaat hier iets gebeuren?‘, vroeg ik aan één van hen. ‘De Hel van Voerendaal komt hier voorbij, totaal vijf keer’.
Na een afdaling naar het volgende kruispunt konden we niet verder. Een van de verkeersregelaars was in actie gekomen. Een lange rij auto’s met uitgezette motor, de bestuurders en passagiers gewoon in de auto. Vooraan bij de bocht – met ons erbij – een handvol kijkers. Politie op de motor, even later een kopgroep van een man of acht, dan een hele tijd niets, dan een paar kleine groepjes, eenlingen die hadden gelost of juist probeerden een gat dicht te rijden, eindelijk het grote peloton. Krakend materiaal en gevloek in de bocht. Enkele achterblijvers tussen de auto’s, de laatste politieagent op de motor, die op zijn fluit blies. Binnen de seconde stoof het verkeer alle kanten uit. Even later werden we gepasseerd door achtergebleven renners, die tussen het verkeer door laveerden. Blijkbaar telde je niet meer mee als je het contact met de auto’s had verloren.

Zuid-Limburgers zijn het blijkbaar gewend dat er wielerwedstrijden worden gereden in hun regio. Het hoort erbij en ze passen zich aan. De hele sfeer deed me sterk denken aan ‘De renner’ van Tim Krabbé. Een zelfde soort parcours, renners die niet tot de top behoren, maar wel een behoorlijk niveau hebben, een wedstrijd die alleen in de wielerwereld zelf bekendheid geniet.

Ik heb het even nagekeken. De wedstrijd maakt deel uit van de Topcompetitie. Sebastiaan Pot won de Hel van Voerendaal, Coen Vermeltfoort – hem heb ik begin juni nog de Nacht van Hengelo zien winnen – blijft leider in het klassement.

Hadden we in Overijssel maar meer van dit soort wedstrijden, bijvoorbeeld rond Ootmarsum of op de Sallandse Heuvelrug!

woensdag 3 augustus 2016

Kaart groen erfgoed nieuwe loot aan Landschapsatlas

Afbeelding: kaart van Twickel met boomsoorten (ca. 1940)

De Kaart groen erfgoed is een nieuwe loot aan de stam van de Landschapsatlas die wordt weergegeven op de website Landschap in Nederland van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. In deze volledig digitaal te raadplegen atlas komen allerlei thema’s aan bod, zoals Militair Landschap, Agrarisch Landschap, Stedenbouw in Nederland, die allemaal weer onderverdeeld zijn in subthema's.

Kaart groen erfgoed
De Kaart groen erfgoed is opgebouwd uit verschillende thematische kaartlagen, zoals rijksbeschermde buitenplaatsen met beschermde groenaanleg, nationale parken en eendenkooien. Bijzonder is de kaartlaag over landschappelijk groen erfgoed. Het gaat hierbij om oude bossen, houtwallen en heggen. Dit soort erfgoed is kwetsbaar en historische landschapselementen worden steeds zeldzamer. Naar schatting is er van het areaal aan historische landschapselementen (van voor 1850) minder dan 3% over. Door veranderingen in het landschap is de helft van de ongeveer 100 autochtone struik- en boomsoorten een zeldzaamheid geworden. Deze kaart brengt gebieden in beeld waar deze soorten nog wel te vinden zijn.

Eerste Nederlandse bosstatistiek
In de Kaart groen erfgoed is ook de eerste Nederlandse bosstatistiek opgenomen. Staatsbosbeheer heeft in de periode 1938-1942 het totale bosareaal van Nederland in kaart gebracht. Deze gedetailleerde inventarisatie is nu digitaal toegankelijk gemaakt. Op de kaart zijn o.a. de boomsoorten weergegeven die voorkwamen op de bospercelen zo'n 75 jaar geleden.

Het is even zoeken hoe de website werkt. Het is handig om eerst de thema's in het linker menu één voor één aan te klikken. Dan in- en uitzoomen. Zo raak je vanzelf thuis in de werkwijze. Onderaan de website wordt uitleg gegeven.

dinsdag 2 augustus 2016

Welke Overijsselaars vochten in de Spaanse Burgeroorlog tegen Franco?


Tachtig jaar geleden vond er een militaire staatsgreep plaats in Spanje, die maar gedeeltelijk lukte. Van 1936 tot 1939 vochten (linkse) republikeinen tegen conservatieven en fascisten onder Franco in een bloedige burgeroorlog. Iedereen weet hoe die afliep. Pas na 36 jaar, na het overlijden van Franco, werd de democratie in ere hersteld. Tienduizenden vrijwilligers uit het buitenland streden aan de kant van de republikeinen onder de vlag van de Internationale Brigade, waaronder zo'n 800 Nederlandse mannen en vrouwen.
Journaliste Yvonne Scholten is jaren bezig geweest met onderzoek naar deze Spanjestrijders. Zij is er in geslaagd ruim 700 van hen online een gezicht te geven via de website Spanjestrijders.

Wie waren de Nederlandse vrijwilligers die naar Spanje gingen om te vechten? Yvonne Scholten: “Het waren vooral jongemannen en vrouwen uit links-politieke milieus, dus communisten en socialisten. Maar ook (Joods) Duitse vluchtelingen die hun heil in Nederland hadden gezocht. Zij hadden onderdak gekregen bij linkse gezinnen en vertelden daar de verschrikkelijkste verhalen over de fascistische praktijken onder Hitler. Terwijl de meeste Nederlanders nog dachten dat het niet zo’n vaart zou lopen met het opkomende fascisme in het buitenland, dachten deze mensen daar anders over. Wanneer Spanje in fascistische handen zou vallen, was het gedaan met Europa.”

Onder de Spanjestrijders veel Amsterdammers, maar ook enkele tientallen uit Overijssel. Je kunt ze vinden door in het zoekvenster een plaatsnaam in te vullen. Van ruim honderd van hen is een uitgebreide biografie aanwezig op de website. Van vrijwel allemaal worden adres- en familiegegevens vermeld. De Spanjestrijders werden bij terugkomst niet met open armen ontvangen. Zij streden net als de verzetsstrijders in de Tweede Wereldoorlog tegen het fascisme, maar deden dat in vreemde krijgsdienst. Velen van hen namen ook deel aan het verzet tussen 1940 en 1945, ook al omdat ze moesten onderduiken. Hun namen waren bekend bij de bezetter. Rehabilitatie liet lang op zich wachten. Sommigen herkregen pas in de jaren zeventig hun volledige burgerrechten.

Zie ook Kennislink.