dinsdag 16 augustus 2011

Bijzondere weblogs (2): Over koetjes en kalfjes



Op het eerste blog uit deze net gestarte rubriek stuitte ik bij toeval. Het blog Over koetjes en kalfjes volg ik al zeker twee jaar. Eigenlijk is het blog een grensgeval, maar dat bedoel zuiver geografisch. Voor de rest is het blog helemaal geen grensgeval. Hendrika, pseudoniem voor een bloggende boerin, woont niet in Overijssel maar er wel vlak tegenaan in de buurt van Coevorden. Ze wil graag een beetje anoniem blijven, maar ze heeft al eens geschreven dat ze een vakgenote – bibliothecaresse – is, weliswaar voor een paar uur in de week, maar toch…

Ze schrijft over gebeurtenissen die zich voordoen op haar boerderij. Niet mijn terrein, maar ik kijk tegenwoordig door haar blog met andere ogen naar de agrarische sector. Dit blog geeft een beter beeld dan Boer zoekt vrouw.

Maar het gaat mij vooral om de foto’s die Hendrika maakt. Prachtige foto’s van flora en fauna, wolkenluchten, weersverschijnselen, koeien etc. Bijna allemaal gemaakt in haar directe omgeving. Opvallend dat zij evenals de eerder genoemde blogster ook al zulke mooie foto’s maakt. Kijk bijvoorbeeld eens bij de categorie Weerbeeld op het blog. Er zijn natuurlijk mannelijke professionele fotografen, maar zouden vrouwen hier misschien over het algemeen beter in zijn? Meer geduld, meer gevoel voor kleuren? Of ga ik te kort door de bocht.

Hendrika’s blog heeft al vaker de aandacht getrokken, b.v. van het Dagblad van het Noorden en in agrarische vaktijdschriften. Terecht. Het wordt uiteraard bezocht door mede-plattelanders vanwege de agrarische onderwerpen, maar liefhebbers van fotografie kunnen ook hun hart ophalen. Mijn advies aan haar: ‘Dom vedan doon’ (= Twents voor ‘niet stoppen’)

zondag 14 augustus 2011

Gezocht: Geïllustreerde gidsen begin 20ste eeuw

Onlangs is het artikel Enter, een dorp van klompenmakers van H.W. Heuvel uit 1913 op het blog Overijssel – Plaatsbeschrijvingen 1880-1930 geplaatst. Daarmee is zo langzamerhand een groot deel van de Overijsselse steden en dorpen tenminste één keer beschreven wat betreft deze periode. Er is echter nog een groot hiaat dat bestaat uit grofweg de huidige gemeenten Hardenberg en Twenterand. Over deze (veen)gebieden zijn toen nauwelijks gidsen of artikelen verschenen. Althans ik heb ze niet kunnen vinden. Misschien zijn deze gebieden vanuit Drenthe (Coevorden, Meppel) beschreven? Wie weet hier meer van? Ik zou het graag willen weten.



De geïllustreerde gidsen waren een tijdsverschijnsel. De eersten verschenen eind 19de eeuw en in de eerste decennia van de twintigste eeuw werden er tientallen in Overijssel uitgebracht. Meestal werden wandelroutes opgenomen met nauwkeurige beschrijvingen (ook historisch) van de omgeving.
Wie deze gidsen leest – en b.v. de Verkade-albums van Thijsse uit dezelfde periode – komt tot de conclusie dat Nederland voor toeristen toen eigenlijk veel aantrekkelijker was dan nu. Weliswaar werd er naar de mode van die tijd door de auteurs nogal gedragen en gezwollen taal gebezigd, maar waarschijnlijk klopte dit wel. Er was nog niet zoveel woeste grond ontgonnen en aan beheersing van de waterstand deed men veel minder. Er was gewoon veel meer ‘natuur’ dan nu. De inheemse flora en fauna bevatte een veel rijkere soortenrijkdom dan tegenwoordig.
De toerist had geen last van hinder door snelwegen. Daartegenover staat dat er een fijnmazig openbaar vervoer in stand gehouden werd. Door de vele spoor-, tram- en buslijnen was vrijwel elke plaats bereikbaar. Er waren veel meer hotels dan nu en overal uitspanningen om tijdens de wandeling ‘den dorst te lesschen’. De ANWB deed zich gelden en maakte het de toerist gemakkelijk met wegwijzers en routebeschrijvingen.
We kunnen de tijd niet meer terugdraaien en om andere redenen lijkt me dat ook niet gewenst, maar wie nog eens in zijn gedachten wil wegdwalen naar mooie vakanties in ongerepte natuurgebieden tijdens lange prachtige zomers moet deze gidsen lezen en dat kan dus via het genoemde blog.

zaterdag 13 augustus 2011

Henny Hamhuis (Hennik van 'n Scheenken) 1927-2011



Op 7 augustus overleed Henny Hamhuis, ook bekend als Hennik van ’n Scheenken, onder welk pseudoniem hij gedichten en verhalen in het dialect publiceerde. Hij werd geboren in Almelo maar vestigde zich in Enschede (Usselo) waar hij zijn brood verdiende als reclamemaker en journalist. Daarnaast schreef hij liedjes, vaak in samenwerking met Joop Stokkermans die zijn teksten op muziek zette. In 1962 werd in een vloek en een zucht Mijn kleine kokette Katinka – uitgevoerd door De Spelbrekers – geschreven, een van de bekendste nummers uit begin jaren zestig. Voor Twente was Hamhuis belangrijk als dichter. In 1978 verscheen zijn dialectbundel Oonze volk, waarvan 10.000 exemplaren verkocht werden, heel veel voor een gedichtenbundel. Een jaar later verscheen de bundel Hèènig an. Daarna werd nog de verzamelbundel All’ns te hoope: wèèrk oet beukskes en heukskes uitgebracht. Hamhuis publiceerde ook in Jaarboek Twente en in tijdschriften. Hij werd geprezen voor zijn dialectpoëzie door onder meer Gerrit Kraa, oud-dialectconsulent en zelf dialectschrijver en door dialectoloog en taalkundige Hendrik Entjes. Hij maakte gebruik van typisch Twentse woorden en uitdrukkingen om een situatie of een gevoel te beschrijven die onvertaalbaar zijn in het Nederlands.
Niet alleen het Twents maar ook de Nederlandse taal beheerste hij goed. In 2007 zijn door hem in het Nederlands vertaalde gedichten van Rainer Maria Rilke uitgegeven onder de titel Sieben Niedersaksisch. In 1988 was hij mede-oprichter en sindsdien vele jaren voorzitter van de Stichting Literaire Manifestaties Enschede.

Ben Donkelaar zette in 1979 een aantal gedichten van Henny Hamhuis op muziek en bracht deze uit op de LP Oonze volk. Hieronder twee nummers van die LP.





Ook Harm oet Riessen vertolkte het gedicht Grèèdske van Henny Hamhuis.



In 2007 en 2008 werden door RTV Oost gedichten over Overijsselse plekken gekoppeld aam beelden van die plek, daaronder ook een aantal gedichten van Henny Hamhuis/ Hennik van ’n Scheenken.

Kijk hier voor een uitgebreidere biografie.

woensdag 10 augustus 2011

Muziek uit het oosten (40): De Flagellanten - De melkbok

Een speciale rubriek – voor de liefhebbers van muziek. Van alles wat – in ’t Engels of in ’t plat. Goud en oud, nieuw of fout.


Het mannenkoor De Flagellanten uit Giethoorn werd opgericht in 1993 en bracht tot nu toe vijf cd’s uit, in 2011 nog de cd Wied van uus (Ver van huis). Op hun repertoire staan Ierse folk en zeemansliederen/shanties. Regelmatig wordt gezongen in Gieters dialect. Dit lied gaat over de uit het Giethoornse ‘straatbeeld’ verdwenen melkbok.

De Mars, maandblad van en voor Overijssel (4)

De Mars was een Overijssels maandblad dat tussen 1953 en 1981 verscheen en waaraan bijna alle bekende journalisten/publicisten uit die tijd meewerkten. Ik schreef er al eerder over. De Mars bevatte artikelen over regionale onderwerpen op cultureel, maatschappelijk, economisch en toeristisch terrein. De vaak lange(re) artikelen geven een goed tijdsbeeld. In deze rubriek vermeld ik per kwartaal een aantal artikelen over onderwerpen of gebeurtenissen uit dit blad.



Vandaag het vierde kwartaal 1953. Hierin vinden we lange artikelen over:
- Deventer: een speciaal Deventer-nummer met artikelen over bedrijfsleven, cultuur, toerisme, koek, bibliotheken, IJssel en het VVD-kamerlid H.J. Ankersmit
- Twents regionalisme
- Aardgaswinning in Wanneperveen en aardappelmeelindustrie in De Krim
- Onderwijs en locale geschiedenis
- Zwolle en de industrie



Uit de kroniek van Overijssel (berichten):
* Nederland telt in 1953 726 miljonairs. Overijssel telt er veertig, waarvan er 30 in Enschede en 10 in Almelo wonen.
* Als eerste in den lande beschikt Enschede over een discotheek met voorlopig ongeveer 170 grammofoonplaten, als onderdeel van de Openbare Muziekbibliotheek.
* De Wierdense Middenstand heeft tijdens de Sunte Marten het aloude spel van de Jennechiensmarkt doen herleven.

Tenslotte een redactioneel artikel over het (in 1953) zojuist gecomponeerde Overijssels volkslied. Momenteel (2011) heeft de provincie Overijssel een prijsvraag uitgeschreven voor modernisering van dit lied. Hoe dacht men in 1953 over dit lied?

Wij dachten zo... Overijssels volkslied
Dezer dagen verscheen, in het Koorfonds Muzikale Bladen, Damstraat 1, Amsterdam, het Overijssels Volkslied, voor 4-stemmig gemengd koor à capella, door Joh. H. Polman.
Nu vormt onze redactie ook een zeer gemengd koor, met daarin enkele bekwame à capella-zangers, van elke begeleiding wars. Het behoeft u dan ook niet te verbazen, dat wij in onze laatste redactievergadering ons nieuwe volkslied spontaan aanhieven
en daardoor geïnspireerd die middag uiterst profijtelijk in het belang onzer geliefde provincie werkzaam konden zijn.
Waarom zingt men een volkslied? Teneinde op muzikale wijze blijk te geven van zijn verknochtheid aan een bepaalde bevolkte landstreek, zult u antwoorden. En waarom een provinciaal volkslied? Omdat, sinds Keizer Napoleon onze zeven provinciën, tezamen met de landschap Drenthe en de beide generaliteitslanden, uit angst voor derzelver zelfstandig streven, in de smeltkroes wierp, er gaandeweg toch weer een tijd komt, waarin men de provincie als zelfstandige gemeenschap een waardevol element acht in de vaderlandse samenleving.
De behoefte aan een Overijssels volkslied is reëel. Wij Overijsselaren kunnen nu eenmaal niet met verstarde mond blijven staan, wanneer ons heen het "Bronsgroen eikenhout", "Geen dierder plek voor ons op aard", "Gelder's dreven zijn de mooiste", "Frysk bloed, tsoch op"! weerklinkt. Wij hebben ons jarenlang beholpen met het Twentse volkslied, en wij blijven er bij, dat Twente een kostbare parel is aan Overijssels kroon. Maar het bleef behelpen. Na de oorlog hebben we ons verrijkt met een provinciale vlag, een orkest, een opbouwstichting en wat niet al. Daarbij past een provinciaal lied.
Het is de verdienste van de heer Joh. H. Polman, dat hij dit heeft begrepen en zich als componist en dichter van een dergelijk lied heeft opgeworpen. Het is met de geboorte van een volkslied meestal een eigenaardige zaak. Iemand werpt zich op als de schepper van een volkslied en moet nu maar afwachten, of het ook een volkslied zal worden. Daarvoor zal het moeten geadeld door historie en traditie.
Zal 's heren Polmans schepping deze adeldom bereiken? Wij weten het niet. De muziek en de woorden van het lied zijn ongetwijfeld muzikaal en dichterlijk. Zij het ietwat conventioneel. Het lied kon ook in de vorige eeuw tot stand çekomen sijn. Wij hadden er graag iets meer van de geest van onze eigen tijd in geproefd. Of zou het dan op onbegrip stranden?
De heer Polman heeft zijn werk voltooid. Het woord is thans aan u, Overijsselaren. Hier volgt, te uwer oriëntatie, de tekst van het

OVERIJSSELS VOLKSLIED
Aan de rand van Hollands gouwen
Over brede IJsselstroom
Ligt daar, lieflijk om t'aanschouwen
Overijssel, fier en vroom.
Waar de Vecht en Regge kronk'len
Door de heuv'len in 't verschiet
Waar de Dinkelgolfjes fonk'len
Ligt het land,' dat 'k stil bespied.

'' k Heb U lief; G'omvat in glorie
Oudheid, Kunst en Klederdracht.
Eertijds streden om victorie
Steden - Ridders, Burchtenmacht,
D'eindeloze twisten brachten
U, mijn land, geen voorspoed aan;
Toch is uit Uw leed en klachten
Rijke stedenbloei ontstaan.

Gij bidt God, dat Hij op 't zaaien
Rijpen doet 't gestrooide zaad;
Dat Ge dankbaar 't graan moogt maaien
Als het uur van oogsten slaat.
Oversticht, Uw schone weiden,
Horizonten, paarse hei
Boeien hart en ziele beide
Van Uw volk. Gij zijt van mij.

Kijk hier voor een uitvoering van het Orkest van het Oosten

zondag 7 augustus 2011

Bijzondere weblogs (1): Truus Wijnen, wandelen en fotografie



Truus Wijnen woont in de Hof van Twente. Ze wandelt vaak en fotografeert veel. Over dat laatste zegt ze: Ook met een eenvoudige camera kun je prachtige foto’s maken, niet de camera is bepalend maar de persoon erachter, het gaat erom dat je het moment weet te vangen. Van haar wandeltochten doet ze verslag op haar weblog Wandel Kijk en Kiek. Geen saaie routebeschrijvingen, maar ze bewandelt (figuurlijk) nogal wat zijwegen. Zo heeft ze een aantal rubrieken: De Postbode, Op een bankje en de meest opmerkelijke, Maandag Wasdag, met inmiddels meer dan honderd foto’s van waslijnen met wasgoed.

Truus Wijnen zet zelf wandeltochten uit en organiseert en begeleidt wandelingen, met name in Twente en de Achterhoek, ook z.g. foto-wandelingen.
Naast het genoemde weblog beheert ze weblogs met een overzicht van routebeschrijvingen en met (prachtige) foto’s, die ze in de loop van de tijd gemaakt heeft. Deze weblogs zijn ook bereikbaar via haar website www.truuswijnen.nl

woensdag 3 augustus 2011

Gerard Rutger Buisman, Steenwieker troubadour, overleden


(foto: website Streektaalmuziek in Nederland)


Gerard Rutger Buisman, de markante ‘troubadour’ uit Steenwijkerwold is gisteren overleden. Hij werd 59 jaar. Van beroep leraar, was hij zijn leven lang al met muziek bezig. Hij studeerde onder meer vier jaar aan het Conservatorium in Zwolle. Hoewel hij vele stijlen beheerste ging zijn voorliefde uit naar de country-folk. Van groot belang was hij voor de streektaalmuziek. Geregelde kijkers naar TV Oost hebben hem vaak zien optreden in allerlei programma’s.

RTV Oost zond gisteravond een portret van Gerard Rutger Buisman uit, bekijk het hier.
Voor veel informatie over zijn muzikale carrière kijk bij Streektaalmuziek in Nederland.